Geschiedenis van Dry Needling van 1930 tot 1969

Gepubliceerd: vrijdag 26 augustus 2016 Geschreven door B. Vaes

Wij krijgen in onze praktijk in Assen vaak de vraag hoe Dry Needling ontstaan is en waar het eigenlijk vandaan komt.
Om die vraag exact te beantwoorden ben ik  de literatuur in gedoken om de geschiedenis van dry needling te onderzoeken.
 
Voor de geschiedenis van dry needling moeten we eigenlijk beginnen met de geschiedenis van wet (nat) needling.
Waar er bij dry needling geen vloeistof in het lichaam wordt gespoten, wordt dit met wet needling juist wel gedaan (bv inspuiten van een ontstekingsremmer of pijnstiller).

 
 injectienaald
 
 
In de jaren dertig van de twintigste eeuw hadden Sir Thomas Lewis en John Kellgren (1) van het University College Hospital al ontdekt dat het injecteren van zoutoplossing in spieren pijn kon geven op enige afstand van de plaats van injectie. Zij ontdekten hiermee datgene wat wij nu myofasciale pijn noemen.
Vanaf deze periode werd er overal in de wereld onderzoek gedaan naar het fenomeen van uitstralende pijn vanuit spieren en werden de specifieke uitstralingspatronen per spier in kaart gebracht.
 
In de veertiger jaren injecteerde de Australiër Michael Kelly (2), geïnspireerd door het onderzoek van Kellgren voor het eerst een anestheticum (pijnstiller) in pijnpunten in spieren en behaalde hiermee zeer goede resultaten in het verminderen van pijn. Van 1941 tot 1962 publiceerde Kelly over zijn bevindingen in diverse medische wetenschappelijke tijdschriften.
 
In 1942 publiceerde Janet Travel en collega’s een onderzoek waarin voor het eerst de term triggerpoint werd gebruikt. Vanaf dat moment is haar naam en die van haar collega David Simons verbonden aan de term myofasciale triggerpoint.
 
De eerste melding van prikken met “droge” naalden kwam uit een onderzoek van Brav en Sigmund in 1941 (3). Zij concludeerden dat pijn verminderd kon worden door simpelweg te prikken zonder een vloeistof te injecteren. In hun onderzoek, een clinical trial, werden 62 proefpersonen met lage rugpijn en/of  ischias verdeeld over 3 onderzoeksgroepen. De eerste groep werd geïnjecteerd met novocaïne (eenpijnstiller), de tweede groep met een zoutoplossing en de derde groep werd geprikt zonder een vloeistof te injecteren. Alle proefpersonen werden geïnjecteerd in de regio van de spinale zenuw naast de wervelkolom. De groep die het beste scoorde was de novocaïne groep. Als tweede beste, en zeer dicht bij de novocaïne-groep, was de dry needling groep (de term dry needling werd toen echter nog niet gebruikt).
 
 
 
back pain dry needling
 
 

De eerste keer dat de term “dry needling” daadwerkelijk werd gebruikt was door Paulett in 1947 in een publicatie in The Lancet (4). In deze publicatie beschrijft Paulett hoe pijn verminderd kan worden door injecties met procaïne, maar ook droge naalden, in tender points in spieren.
 
Uiteindelijk werd in de jaren zestig het concept “trigger point” een gevestigd begrip in de medische literatuur. Hoewel dry needling een van de voorgestelde behandelmethoden was, bleef injectie met anesthetica in tenderpoints de meest voorkomende behandeling.
 
In tegenstelling tot de grote belangstelling voor triggerpoints en dry needling in de jaren dertig tot en met vijftig, bleef het op wetenschappelijk gebied stil in de jaren zestig en begin jaren zeventig.
 
De geschiedenis van Dry Needling begint dus eigenlijk al in de jaren veertig van de twintigste eeuw. Van de jaren veertig tot zeventig wordt er meer en meer ontdekt over de aanwezigheid van triggerpoints in spieren....

In een volgend deel zal er meer verteld worden over de periode 1970 tot heden.
 
referenties:
  1. Kellgren JH: Referred pains from muscle. Br Med J 1: 325–327, 1938
  2. Kelly M: Muscular lesions in somatic pain. BMJ 1: 379–380,1941
  3. Brav EA, Sigmond H: The local and regional injection treatment of low back pain and sciatica. Ann Int Med 15: 840–852, 1941
  4. Paulett JD: Low back pain. Lancet 2: 272–276, 1947
 
© 2016 Manuele Therapie en Kinderfysiotherapie te Assen.